Belasting op gebruikte woningen zonder inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister

Sommige woningen worden bewoond zonder dat de bewoners officieel zijn ingeschreven in het bevolkingsregister. Gemeenten controleren het woongebruik van panden, onder andere in verband met leegstand. Niet-ingeschreven bewoners hebben invloed op de lokale voorzieningen zoals afvalophaling, infrastructuur, veiligheid (politie/brandweer), ... Deze belasting zorgt ervoor dat ook zij hun bijdrage hierin leveren. 

Omdat jaarlijks moet worden aangetoond dat een woning zonder inschrijving effectief gebuikt wordt, is er geen vereenvoudigde aangifte.  

In de belasting wordt er een onderscheid gemaakt tussen gebouwen waar om stedenbouwkundige redenen geen inschrijving als hoofdverblijfplaats mogelijk is of waar om stedenbouwkundige redenen wel een inschrijving als hoofdverblijfplaats mogelijk is. Dit omdat gebouwen waar om stedenbouwkundige redenen wel een inschrijving als hoofdverblijfplaats mogelijk een grotere impact hebben op de lokale woonmarkt. 

De belasting is verschuldigd door de zakelijk gerechtigde of de huurder van de woning of het recreatiehuis. De belasting wordt geheven op basis van de toestand op 1 januari van het aanslagjaar. 

Tarieven 

  • 325 euro voor recreatiehuizen waar om stedenbouwkundige redenen geen inschrijving als hoofdverblijfplaats mogelijk is. 
  • 1 000 euro voor woningen waar om stedenbouwkundige redenen wel een inschrijving als hoofdverblijfplaats mogelijk is. 

Raadpleeg hier het belastingreglement 'belasting op gebruikte woningen zonder inschrijving in het bevolkings- of vreemdelingenregister, geldig vanaf 1 januari 2026'