Versoepelingen ophokplicht roofvogels

Het Federaal Agentschap Voor Voedselveiligheid (FAVV) heeft in het kader van de bestrijding van vogelgriep versoepelingen uitgewerkt voor roofvogels.

Het FAVV besloot om vanaf 20.02.2021 de ophokplicht voor roofvogels te versoepelen. Voor het welzijn van de dieren en de roofvogelhouders zijn bepaalde activiteiten terug toegelaten:

  • het opleiden/trainen van roofvogels
  • het geven van demonstraties
  • het gebruiken van roofvogels voor de jacht op haarwild
  • het gebruiken van roofvogels bij het beheer van overlast door wilde dieren

Het H5-vogelgriepvirus, aviaire influenza, wordt verspreid door wilde vogels. Wanneer gehouden vogels in contact komen met besmette wilde vogels, kunnen zij zelf besmet worden. Roofvogels, die gebruikt worden bij activiteiten in open lucht, lopen een bijzonder risico en moeten daarom – net als andere gehouden vogels en pluimvee, sinds 15.11.2020 door een beslissing van Minister van landbouw David Clarinval - opgesloten of onder netten afgeschermd worden.

Opgelet! De ophokplicht voor pluimvee is nog steeds van tel.

Vermits versoepelingen het risico op besmettingen met vogelgriep verhogen, moeten houders de nodige voorzichtigheid aan de dag leggen en voor onbepaalde duur aan volgende voorwaarden voldoen:

  1. De problematiek rond vogelgriep en in het bijzonder de epidemiologische toestand bij wilde vogels blijft stabiel of evolueert in gunstige zin.
  2. Het gebruik van roofvogels voor buitenactiviteiten is niet toegelaten in de zgn. gevoelige natuurgebieden. Dit zijn waterrijke gebieden waar veel watervogels verblijven en het risico op besmette vogels groot is. De ligging van de natuurgebieden is terug te vinden op de website van het FAVV.
  3. Het gebruik van roofvogels voor de jacht op wilde vogels is niet toegestaan.
  4. De roofvogelhouder, die gebruik maakt van de versoepelingen, hanteert de volgende voorzorgen:
    • Het blijft verplicht om alle roofvogels binnen of onder netten te voederen en te drenken.
    • Roofvogels, die gebruikt zijn bij buitenactiviteiten, worden waar mogelijk een week apart gehuisvest om een eventuele besmetting niet over te dragen naar de andere gehouden vogels.
    • Een houder, die eveneens pluimvee of andere vogels houdt:
      • past de verbodsbepalingen rond vogelgriep onverminderd toe voor alle pluimvee en andere vogels die hij houdt.
      • past de nodige bioveiligheidsmaatregelen toe, om versleping van ziekte tussen de roofvogels, die gebruikt worden bij buitenactiviteiten, en andere gehouden vogels en pluimvee te voorkomen.
        • Dit betekent minimaal dat men apart schoeisel gebruikt voor de ruimten waar roofvogels gehouden worden en de plaatsen waar andere vogels gehouden worden. Daarnaast wast en ontsmet men de handen na elke activiteit in één van de hokken.
Dit artikel werd gepubliceerd op 22 februari 2021.